Familie Van Drunen


v.l.n.r. Remco van Drunen, Lisa Schutrups, Jan Schutrups, Maarten van Drunen en Roos Schutrups

‘Altijd thuis de schoenen op tafel’

Nu bij Schutrups de dochters Lisa en Roos hun entree hebben gemaakt, is het thema ‘opvolging’ opeens actueel geworden. Met vader Jan gaan ‘de meiden’ op bezoek bij andere familiebedrijven. Deze keer: Maarten en Remco van Drunen, van Van Drunen Schoenfabriek, die groot is geworden met Durea.

Vorig jaar droeg de laatste van de vierde generatie, Karel van Drunen, het roer bij Van Drunen Schoenfabriek definitief over aan de vijfde generatie. De broers Maarten en Remco van Drunen en neef Peter van Drunen jr. zijn sindsdien, samen met algemeen directeur Gerard-Jan van Blokland, volledig eigenaar van het bedrijf.
Maarten en Remco ontvangen Jan, Lisa en Roos Schutrups in hun ‘hometown’ Drunen, waar al sinds 1948 schoenen van het merk Durea vandaan komen. En sinds 2014 ook de mannenschoenen GIJS en sinds vorig jaar Lerora, een jeugdiger zusje van Durea.

Als het druk is, doen wij werkschoenen aan en gaan we uitpakken

Dat Van Drunen een familiebedrijf in hart en nieren is, blijkt uit de naamgeving van de nieuwe merken. GIJS is genoemd naar de opa van de opa van Maarten, Peter jr. en Remco, Gijsbertus van Drunen, die in 1913 met een schoenfabriek begon. En Lerora is een samenvoeging van delen van de voornamen van de dochters van de drie Van Drunen-aandeelhouders, Anne-Lene, Roos en Mira.
Wanneer Van Drunen Schoenfabriek precies is opgericht, is niet helemaal duidelijk. Maarten: “Gijsbertus begon in 1913 met een fabriek, maar die moest stoppen in de Tweede Wereldoorlog toen hij weigerde militaire schoenen te produceren. Na de oorlog is mijn opa met zijn vader begonnen met een nieuwe fabriek. De naam Van Drunen Schoenfabriek mocht hij niet gebruiken, want het stikte toen hier in de Langstraat van de schoenfabrieken en iemand anders had de naam Van Drunen al. Toen hebben ze op de achterkant van een sigarendoos wat gehusseld met de letters en werd het Durea. Dat vonden ze Italiaans klinken, geloof ik.”

Nieuwe merken

Met de komst van de nieuwe merken GIJS en Lerora werd besloten de bedrijfsnaam Durea te vervangen door -alsnog- Van Drunen Schoenfabriek. Tot zover de geschiedenis. Dan het heden.
De algemeen directeur is opvallend genoeg geen Van Drunen. Maarten: “We noemen Gerard-Jan de ‘tussenpaus’. Toen mijn vader en oom begin deze eeuw gingen nadenken over de toekomst van het bedrijf, was er niemand binnen de familie die het wilde overnemen. Daarop zijn ze op zoek gegaan naar iemand die in de toekomst algemeen directeur kon worden. Gerard-Jan kwam in 2007 binnen en is het enige directielid. Wij zitten wel in het management team en zijn net als hij aandeelhouder, maar hij is de directeur.”
Remco: “En hij is dan wel geen familie, maar we hebben wel een naambord met ‘Gerard-Jan van Drunen’ op zijn deur geplakt, haha. Om even aan te geven welke positie hij heeft.”

Inmiddels zitten er drie Van Drunens in het management team. Maar voor zij in het bedrijf stapten, werkte Maarten in de autobranche, was neef Peter pedagoog en leek alleen Remco, voorbestemd voor ‘de fabriek’, want die volgde de Schoenvakschool. “Ik heb van kleins af aan gezegd dat ik de schoenen in zou gaan. Wij zaten als kinderen al in de weekenden te ‘veteren’; ik weet niet beter of we hadden thuis de schoenen op tafel staan. En ik reed altijd met de driewieler, en later het skateboard, door de fabriek. Er werken hier nog mensen die mijn luiers hebben verschoond. Dus ja, ik wist wel dat ik in elk geval in deze branche wilde gaan werken.” Maarten: “Al in de wieg.”
Eén van de dingen die Gerard-Jan ‘van Drunen’ samen met de vierde generatie in gang heeft gezet, was de komst van een ‘familiestatuut’. Dat leidde uiteindelijk tot een document over de relatie tussen het bedrijf en de familie dat enkele tientallen familieleden hebben ondertekend.
Remco: “Daarin is bijvoorbeeld geregeld welke spelregels er gelden voor familieleden die het bedrijf in willen. Heel gedetailleerd.”
Maarten: “Daarmee voorkom je scheve gezichten. Iedereen weet waar-ie aan toe is en heeft dezelfde informatie. Als mijn zus in het bedrijf zou willen, dan kan dat. Maar we gaan geen vacature creëren, die moet er zijn. Verder moet de persoon in kwestie geschikt zijn voor de baan én extern worden getest. Toen ik in 2008 binnen kwam, werden er vijf kandidaten getest en het bureau dat dat deed, wist niet wie de Van Drunen was. We waren kandidaat A, B, C, enzovoort.”

In de schoot

Remco: “Het is zo dat buitenstaanders vaak denken: och, een familiebedrijf, die hebben alles in de schoot geworpen gekregen. Het tegendeel is waar. Als Maarten, Remco, Jantje, Pietje of Klaasje het bedrijf in wil komen, is het nooit: ‘Hier is de sleutel, succes!’. Je moet niet alleen willen, je moet het ook kunnen.”
Maarten (Product Manager) doorliep die procedure elf jaar geleden. Remco (Technical & Creative Product Developer) is zes jaar actief. Het zijn mannen zonder groot ego.

Maarten: “Het draait in ons vak om samenwerking. Hier, in het bedrijf, maar ook met onze klanten, zoals Schutrups. Onze neef, Peter jr., is daar als pedagoog weer heel bedreven in. Maar die kwam binnen omdat we een vacature op ICT hadden. Hij kent de computer en alle foefjes. Niet doordat hij een technische opleiding deed, maar omdat hij als muzikant alles digitaal deed.”
Gerard-Jan van Blokland hoeft op geen enkele manier te vrezen dat één van de ‘echte’ Van Drunens hem een mes in de rug zal steken om de positie van algemeen directeur te krijgen. “Je moet zo’n functie ook nog maar willen, hè”, zegt Maarten. “Dit is een bedrijf waar meer dan vijftig gezinnen van afhankelijk zijn. Je moet dan de juiste man op de juiste plek hebben. Waar Gerard-Jan of het hoofd van de financiële afdeling, goed in zijn, dat ligt ons niet. En als je heel goed weet wat je niet kunt, schept dat een hoop rust.”

Op de voorgrond

Remco: “Ons werkgebied is heel anders. Gerard-Jan heeft veel meer ervaring, ook bij de andere bedrijven waar hij eerder werkte, en wij zijn ook nog jong. In ben 33, Maarten is 34, Peter is 39…”
Maarten: “Nou, je bent nergens te jong voor. Maar je moet er de persoonlijkheid voor hebben. Ik hoef bijvoorbeeld niet zo op de voorgrond. En Gerard-Jan heeft meer een helikopter-view dan wij. Wij zijn meer mensen die willen meewerken, dan dat we er boven willen hangen. En nogmaals: die samenwerking, daar gaat het om. Iedereen is belangrijk. In één schoen zitten 250 handelingen en elke fout zie je.”

Tussen de families Van Drunen en Schutrups bestaat al decennia een warme band. Maarten en Remco zijn de derde generatie Van Drunen waar Jan Schutrups mee te maken heeft. En Lisa en Roos de tweede generatie Schutrups voor de Van Drunens. Maar voor de oudste van dit gezelschap, Jan, 37 jaar geleden in Exloo in de zaak kwam, hadden de voorgaande generaties al banden.
Het is veel meer dan een leverancier/klant-relatie. Jan: “Mijn ouders zijn ooit gestart met Piedro kinderschoenen, in zes wijdtematen. Het verhaal van die wijdtematen wilden we doortrekken naar de comfortschoenen, omdat we dan mooie, zachte en comfortabele zooltjes konden maken. Mijn vader heeft toen aan Karel van Drunen gevraagd: ‘Kun je een schoen maken met een compleet uitneembaar voetbed, in meerdere breedtematen?’. Uiteindelijk zijn Durea en wij daarin helemaal samen opgetrokken en dat heeft ons allebei geen windeieren gelegd. Durea is bij ons het grootste merk en wij zijn voor Durea in Nederland een van de grotere klanten. En wat heel belangrijk is: er wordt serieus rekening gehouden met onze wensen. Soms maken ze schoenen bijna één-op-één op ons verzoek. Een oud voorbeeld wat dat betreft: vroeger bestond er geen sandaal met een uitneembaar voetbed. Daar heeft mijn vader toen bij Durea heel erg op aangedrongen en die kwam er ook. En ik denk dat Durea daarna jarenlang marktleider is geweest in die markt. Ze zijn groot, maar ze staan toch dicht bij hún klanten, net als wij bij de onze.”

Ideale partner

Maarten: “Dat Schutrups, vanuit zo’n kleine plaats in Drenthe, zo groot is geworden, dat is toch geweldig? Ondernemers als Jan zijn voor ons de ideale partner. Waarom? Omdat we dezelfde filosofie hebben. Aandacht voor de voeten, tijd nemen voor je klanten. Daarom vind je onze schoenen in Nederland vaak bij de speciaalzaken.”
Dat Schutrups en Van Drunen beide goed draaien en dezelfde filosofie hebben over wat nou echt goeie schoenen zijn, betekent niet dat de heren elkaar alleen maar vriendschappelijk op de schouders slaan. Er is heus weleens een meningsverschil.

Jan: “Je hebt weleens tegengestelde belangen.”
Remco: “Je kunt best eens goed om de tafel zitten en op elkaar mopperen. Dat is beter dan dat je dat niet doet en op de terugweg naar huis in jezelf zit te schelden. Of het opkropt. Want dan gaat het een eigen leven leiden. Er is niks verkeerd aan een goeie discussie op zijn tijd. Sterker: je kunt er ook allebei beter uit komen.”

Het ijkpunt

Lisa en Roos Schutrups hebben niet met een skateboard door de winkel van hun vader gescheurd. Maar ze zijn net als Maarten en Remco van Drunen wel opgegroeid met de schoenen thuis op tafel. En dus met Durea. Roos: “Een heel fijn merk. Het is in de winkel heel makkelijk om met Durea te werken.” Lisa: “Als je een voet voor je ziet, je meet op en je hebt een H-leest, dan weet je bij Durea bijna 100 procent zeker dat de H-leest die je pakt ook echt perfect past. Daar is het merk uniek in.” Jan: “Durea is altijd het ijkpunt. Net zoals de kilo altijd een kilo is. Daarvan was eerst hun vader en is nu Remco de bewaker.”
De dochters zijn natuurlijk ook naar Drunen gereden om te leren van Maarten en Remco, die zo’n tien jaar verder zijn en naast het ‘familiestatuur’ nog wel wat aanbevelingen hebben.
Maarten: “Alles draait om communicatie. Het begrip ‘comfortschoen’ is zo breed, dat je moeilijk kunt uitleggen wat er nou zo bijzonder is aan onze merken. Maar zodra de schoen aan de voet zit, is het helder. Verder zeg ik: sta naast de mensen, blijf actief in de winkel.”

Remco: “Precies. Zorg dat je zelf altijd op de werkvloer blijft. Dan kun je én je medewerkers én de klanten in de gaten houden. Je moet niet alleen een helikopterview hebben, maar ook oog voor detail. Dat is bij ons ook de kracht. Ik zal een voorbeeld noemen. Bij ons kwamen in de zomer veertig pallets met schoenen binnen. Als de bezetting dan laag is door vakanties, dan lopen alle mensen van kantoor, ook Maarten en ik, de fabriek in, doen werkschoenen aan en dan gaan we uitpakken. En als de veters in een levering ontbreken, dan zetten we de schouders er onder en gaan we samen veteren. Iedereen is dan gelijk en niemand kan gemist worden. Daardoor hou je waardering over en weer.”

Inspiratie opdoen

Maarten: “En ga veel op pad. Laat je niet inspireren door de schoenwereld, want de meeste inspiratie komt van buiten. Jan is met zijn magazine, social media en die reizen waar hij inspiratie uit haalt wat dat betreft echt een uniek figuur. De schoenwereld heeft dit soort ondernemers nodig. Die lef en ballen hebben om hun nek uit te steken. Jan deelt heel veel. Het gezegde luidt niet voor niets: als je niet kunt delen, kun je niet vermenigvuldigen ook.”